Opdrachtgever: nvt.
Een renner in vorm raakt nooit betrokken bij een valpartij, zit niet in de verkeerde waaier en mist zeker geen afslag. Een groot kampioen krijgt zelfs nooit een lekke band. Of hooguit precies op het juiste moment.
Annemiek van Vleuten is één van de grootste kampioenen die het Nederlandse vrouwenpeloton ooit gekend heeft, zo niet de grootste. Dit jaar nog, in haar afscheidsjaar, rijgt de veertigjarige renster winst in Giro én Vuelta aan elkaar.
Het wekt dan ook verbazing als Demi Vollering door de Nederlandse equipe tot absolute kopvrouw wordt benoemd voor de wegwedstrijd van de wereldkampioenschappen wielrennen in Glasgow. Nog verbazingwekkender is de toevoeging dat Van Vleuten voor Vollering zal werken.
Dat klinkt bijna als belediging. Alsof je Charles Aznavour, notabene tijdens zijn afscheidstournee, het voorprogramma voor Guus Meeuwis laat verzorgen.
Prikkelende bijkomstigheid is dat Annemiek van Vleuten en Demi Vollering niet direct beste vriendinnen zijn. Al lijkt het vilein vooral van Vollering te komen. Van Vleuten blijft er voor de start van de wegwedstrijd monter onder. ”Het parcours is minder op mijn lijf geschreven”, laat ze optekenen. “Demi Vollering verdient het kopvrouwschap.”
En zie. Als die wedstrijd in de eindfase belandt en de kanshebbers een gedroomde elitegroep vormen, met onder meer de Belgische topfavoriet Lotte Kopecky, Deense outsider Cecilie Uttrup Ludwig, Britse oud-wereldkampioen Elizabeth Deignan, meervoudig Zwitsers kampioen Marlen Reusser én de kersverse Nederlandse bff’s Vollering en Van Vleuten, doet die laatste schijnbaar belangeloos wat ze vooraf heeft beloofd.
De aftredend wereldkampioen houdt het tempo hoog, dicht allerlei gaten en plaatst demarrages om de tegenstand uit de tent te lokken. Ondertussen mag Demi Vollering achterin de groep comfortabel voor kopvrouw spelen.
Met nog zestien kilometer te gaan glipt Van Vleuten nog maar eens weg, op kousenvoeten ditmaal, in achtervolging op de ontsnapte Elise Chabbey. Ludwig ziet het gevaar en brengt de groep terug aan het wiel van Van Vleuten, waarna Vollering hard uithaalt op Montrose Street, één van de steile hellingen in het centrum van Glasgow. Het lijkt haast afgesproken werk.
De Nederlandse kopvrouw krijgt direct Kopecky in haar wiel. Van Vleuten moet één moment de rol lossen, maar sluit ternauwernood weer aan. Eenmaal boven kijkt Vollering schichtig achterom. Het gat met de Zwitserse Chabbey is nog niet gedicht. Waar is haar luxeknecht? Kan Van Vleuten nog één keer gasgeven?
Van Vleuten ziet haar blik niet. Ze kijkt omlaag, naar haar fiets. Ze wipt een paar keer met het ros op en neer en schudt opzichtig het hoofd. Welk drama vindt hier plaats? Een afloper? Een gebroken ketting? Problemen met het versnellingsapparaat, zoals ze op de Belgische televisie denken?
Een lekke band, is de verklaring achteraf.
Hoe dan ook. Het kan niemand ontgaan dat Van Vleuten een fietswissel moet. Net voor het ingaan van de laatste ronde, uitgerekend op het laatste rechte stuk naar de finish, voor het oog van alle camera’s en met het publiek rijendik langs de kant krijgt ze een reserve exemplaar ondergeschoven.
Haar knechtenrol is direct uitgespeeld.
Haar rol als kampioen zeker niet.
Halverwege de slotronde plaatst Ludwig een demarrage. Kopecky schiet resoluut in de achtervolging. Vollering aarzelt een moment te lang en zoekt vervolgens steun bij Reusser, Schweinberger en Deignan. Onhandig, want die drie zouden wel gek zijn om de ongenaakbare winnares van de Tour de France terug naar de kop van de koers te brengen.
Ondertussen viert Van Vleuten op veilige achterstand haar afscheidsfeestje. Een eervolle ronde lang mag ze genieten van het gulle publiek. Vrolijk zwaaiend en kushandjes werpend komt ze over de finish, bijna drie minuten na wereldkampioen Kopecky.
Via verschillende televisieschermen naast het parcours heeft ze het slot van de wedstrijd prima kunnen volgen. Haar band had op geen beter moment last van lekkages kunnen krijgen.